Logo LUCA School of Arts
Eremaster - Julie Vandenbroucke

Julie Vandenbroucke legt zich toe op het verbinden van kunst en werk, kunst en bedrijf zonder kunst te instrumentaliseren. Samen met haar man Michel Espeel is ze steeds geboeid geweest door hedendaagse kunst.  Ze verzamelen kunst en hun metaalbedrijf zette samenwerkingen op met verschillende kunstenaars. In het bedrijf Constructies Espeel ligt dan ook de kiem van Arteconomy.

In 1989 start een spontane samenwerking met kunstenaars voor de realisatie van hun kunstwerken in metaal. Michel Espeel, de echtgenoot van Julie Vandenbroucke, was er gedelegeerd bestuurder. Tijdens een bezoek van minister Luc Martens in 1996 groeit het idee om in CC De Spil in Roeselare een tentoonstelling te organiseren met nieuw werk dat kunstenaars bij Espeel maken. In 1998 gaat die door onder de naam Noodingang. Via de kunstenaar Honoré d'O is het echtpaar Espeel in 1999 te gast in Cittadellarte (Italië) waar het deelneemt aan het project Woolways van Fabrice Hyber. Nog in 1999 gaat in het bedrijf een artistieke happening door. Onder de noemer Heavy Metal worden videokunst en fotografie getoond in de productiehal. De beelden hanteren het thema macht, tijd, ritme, presteren en doelgericht handelen; begrippen die nauw verbonden zijn met het economisch gebeuren.


2001 is het jaar waarin het idee van Arteconomy langzaam rijpt

Begin februari organiseert Julie Vandenbroucke in het bedrijf opnieuw een happening: Touch Me. Na deze manifestatie voelt Julie dat ze een andere richting wil volgen. Ze begrijpt dat de aaneenschakeling van samenwerkingen, evenementen en invloeden van buitenaf werkt als een veranderingsproces in het bedrijf. Ze wil met deze ervaring naar buiten komen en zien of de merkbare meerwaarde in de combinatie van kunst en economie een maatschappelijk draagvlak kan vinden. Het idee is nog pril en vindt een eerste formulering in het woord Arteconomy. Het ontstaat naar aanleiding van de creatie van een website en een boekje waarmee Julie in de zomer van 2001 naar de eerste productiebeurs in Cittadellarte in Italië trekt. Gesprekken met o.a. Giuliana Setari, de voorzitter van Cittadellarte, moedigen Julie aan en ze neemt in 2002 haar concept in handen onder de structuur van Arteconomy vzw.


De pioniersperiode  2004 -2009

In 2004 heeft het seminarie Kunst en economie: wij zien geen verschil plaats, dat resulteert in het publiceren van het genomineerde boek Kunstenaars en ondernemers: een nieuwe relatie. Daarna willen de ondernemers die aan het seminarie deelnamen experimenteren en ervaring op doen. De eerste projecten vertrekkend vanuit de nood van het bedrijf worden opgezet. De kunstenaar probeert een antwoord te formuleren op die nood en de projecten krijgen veel belangstelling van de media, de kunst- en de ondernemerswereld. De pioniersperiode wordt in 2009 afgesloten met een presentatie van deze projecten.


2009 - tot op heden

Arteconomy vestigt zich als intermediair. In andere Europese landen worden dergelijke intermediaire organisaties onder de noemer innovatie gesubsidieerd en kunnen ze zich als voortrekker van het idee profileren. Door het uitblijven van subsidies in Vlaanderen wordt de zoektocht om een leefbare en rendabele organisatie in de markt te zetten, verder gezet. De realisatie van concrete projecten in bedrijven/organisaties, lezingen, debatten, studies, internationale meetings en het voortdurend streven naar innovatieve producten vormen de core business van Arteconomy

 

Ontwikkeling en evolutie van de internationale context

De data die we aanstippen in deze beknopte geschiedenis van Arteconomy stroken met de internationale opkomst van concepten als creatieve industrieën en daarop geïnspireerde organisaties. In 1966 werd de Artist Placement Group (APG) gesticht door Barbara Steveni en John Latham in Londen met als doel kunstenaars in bedrijven te integreren. Deze groep was een voorloper op de latere ontwikkelingen. In 1994 duikt de term Creative Industry voor het eerst op in het Australische verslag Creative Native: A Policy for Leaders or Followers. Het wordt opgepikt door de Creative Industries Task Force die in 1997 in het Verenigd Koninkrijk start in het Departement Cultuur, Media en Sport. Sindsdien is de term internationaal gangbaar o.a. door de sterke internationale profilering van Britse overheidsinitiatieven door de toenmalige premier Tony Blair.

De missie

Arteconomy verbindt kunst, creatieve industrieën, wetenschap, technologie, economie, onderwijs om hen buiten hun denkkaders te laten treden. Met als doel nieuwe ideeën, nieuwe producten, nieuwe diensten en een andere kijk op de bedrijfscultuur te creëren.

Hoe realiseren zij deze missie:

  • nastreven van een evenwichtig partnership tussen alle actoren
  • ruimte bieden tot ontmoeting en ontwikkeling van de mens met zijn competenties, vaardigheden, kennis en houding
  • stimuleren van een kwaliteitsengagement
  • focussen op het proces en op het eindresultaat in een lange termijnvisie
  • beogen van een wisselwerking tussen ervaring en reflectie

Kunstenaars waarmee werd samengewerkt

Michaël Aerts, Sarah Bostoen, Marie Julia Bollansée, Anouk De Clercq, Peter De Cupere, Sophie De Somere, Kim De Ruysscher, Frederik De Wilde, Ronny Delrue, Honoré d'O, Nico Dockx, Pieter Jan Ginckels, Eric Joris/Crew, Els Opsomer, Koen Peeters, Sarah&Charles, Kelly Schacht, Steve Schepens, Kris Verdonck, Pieter Vermeersch, Angelo Vermeulen, Kris Vleeschouwer

Ief Spincemaille, Steven de Vleminck

Julie Vandenbroucke was in het verleden ook bestuurder van de vzw Sint-Lukasgalerie Brussel.

Meer info:

Cookies laten u deze website vlot gebruiken. Deze cookies verzamelen geen persoonsgegevens. Meer informatie